Gebladerte-reeks 21, mei 2001

Auteur: Ronald Eissens


(Eerder gepubliceerd op internet, 10 maart 1999)

Peter Edel en het joodse complot

Enige weken geleden gaf ik aan dat ik meende dat de ideeën van Peter Edel neigen naar antisemitisme en revisionisme. Ik beloofde toen om hierover, na lezing van zijn artikelen, een uitgebreid stuk te schrijven. Door tijdsgebrek en ook door tegenzin is dat er nu pas van gekomen. Tegenzin vanwege het naar mijn mening onsmakelijke gedachtegoed, een tegenzin die na lezing van zo'n 15 van Edels artikelen is omgeslagen in grote weerzin. De artikelen die Peter Edel schrijft in Kleintje Muurkrant (KM) kenmerken zich door een veelvoud aan complottheorieën, als feiten gepresenteerde onbewezen beweringen, het doen van beweringen in de vragende vorm (Is de reden hiervan wellicht...?) of het gebruik van het woordje "lijkt" (het lijkt er op dat......). Die twee stijlvormen worden behalve door Edel vooral gebezigd door degenen die de 'bladen' (Story, Privé, Weekend) vol schrijven en zijn uiterst effectief bij het subtiel stellen van iets waar geen bewijs voor is, oftewel insinueren.

Uit de artikelen van Edel valt naar mijn mening te constateren dat door het doen van een aantal beweringen, vaak op hierboven beschreven wijze, hij zich minimaal schuldig maakt aan belediging van de slachtoffers van de holocaust, de overlevenden van de holocaust en hun familie, aanzet tot discriminatie van de joodse bevolkingsgroep in Nederland en maximaal zich schuldig maakt aan antisemitisme. Hij is geen revisionist in de zin van het ontkennen van de holocaust maar hij bedrijft wel een andere vorm van revisionisme: het willen herschrijven van de oorzaken van de holocaust en het herbenoemen van de schuldigen daaraan.

Ik heb een groot aantal alinea's uit de stukken van Edel willen becommentariëren. Dit stuk is echter al te lang, 7 pagina's tekst. Nog meer zou de leesbaarheid niet ten goede komen. Ik heb er dus voor gekozen om alleen op de naar ik meen meest significante passages in te gaan.

Laten wij eens een paar stukken van Edel erbij nemen. In KM 327 heeft Edel het over (door hem niet geïdentificeerde) bronnen die beweren dat er contacten zijn tussen Anti Defamation League (ADL, een Amerikaans organisatie die deel uitmaakt van B'nai 'B'rith en zich bezighoud net racismebestrijding) en de Ku Klux Klan. Edel presenteerde een en ander als feit wat hem een klacht wegens smaad opleverde. Verderop in het stuk is het al geen 'bewering' meer, maar een veronderstelling: "Maar is mijn veronderstelling over contacten tussen pro-Israëlische organisaties met extreem-rechts werkelijk zo onrealistisch", vraagt hij zich af. De Amsterdamse rechtbank verklaart de klacht wegens smaad op 18 november 98 niet ontvankelijk. Volgens de rechtbank heeft het artikel van Edel uitsluitend betrekking op de Amerikaanse organisatie B'nai B'rith en is die organisatie de daadwerkelijk beledigde. De niet-ontvankelijkheid van de klacht heeft dus geen betrekking op de inhoud. Het OM gaat in beroep tegen deze uitspraak.

In dezelfde KM 327 schrijft Edel: "Een ander gevolg van de integratie van joodse mensen, binnen de niet-joodse samenleving waarin zij leven, is dat zij zelden of nooit meer het doelwit zijn van uitingen van antisemitisme."

Oftewel, als Joden maar integreren hebben ze geen 'last' meer, dan worden ze niet meer gediscrimineerd. Het is niet duidelijk waar Edel deze wijsheid vandaan haalt. Discriminatie houdt niet op als een groep integreert.

Edel gaat verder: "Racisme is tegenwoordig dan ook vooral iets dat betrekking heeft op niet-Europese vluchtelingen of gastarbeiders. Met het voorafgaande wordt sterk de indruk gewekt dat integratie en secularisatie van joodse mensen efficiënter is, ten aanzien van het voorkomen van anti-joodse vervolgingen, dan het historische joodse isolement zoals dat binnen het tegenwoordige Israël eens te meer gestalte heeft gekregen. In veel opzichten lijkt de joodse staat door dit isolement op het ultieme joodse getto uit vroeger tijden. Zoals ik eerder al schreef is het joodse isolement in het verleden vaak het gevolg is geweest van anti-joodse vervolgingen. Het ontstaan van Israël, dat volgde na de holocaust, past geheel in dit patroon. Maar het joodse element isolement werkt twee kanten op. Want het is aan de andere kant juist de afzondering van joden uit het maatschappelijk proces, die niet los kan worden gezien van het ontstaan van antisemitische tendensen."

En: "Volgens mij heeft de praktijk aangetoond dat integratie van joodse mensen binnen de samenleving, in dit verband meer perspectieven biedt. Het argument dat alleen Israël in de toekomst een garantie kan bieden tegen de vervolging van joodse mensen en om die reden dus bestaansrecht heeft, is in mijn opinie dus zeker niet geheel waterdicht."

Edel zegt hier dus: als die joden nou maar integreren dan vallen ze niet meer op, dan worden ze (dus) niet meer gediscrimineerd, kijk maar hoe de joden door zichzelf in een historisch isolement te plaatsen (hij noemt dit "de afzondering van joden uit het maatschappelijk proces") aanleiding geven tot antisemitische tendensen. Edel gaat hier voorbij aan de hoofdreden van dit historische isolement, namelijk dat joden door de samenlevingen waarin zij terecht kwamen in dit isolement werden geplaatst. Dit door middel van het verbieden van het uitoefenen van de meeste beroepen, het zich alleen op bepaalde plekken mogen vestigen en het dragen van bepaalde merktekens. Het stellen dat antisemitisme in het verleden of in het heden de schuld is (geweest) van joden zelf, is een vervalsing van de geschiedenis. Wat Edel doet is de totale omkering. De slachtoffers van antisemitisme hebben zelf schuld aan het ontstaan van antisemitische en hebben bovendien geen recht op een eigen land waar ze niet worden gediscrimineerd, zij moeten maar gewoon integreren dan gaat het allemaal wel over. Het slachtoffer de schuld geven van discriminatie is verderfelijke onzin. Ik vraag mij af of Edel de rechtmatige eisen van andere volkeren zoals Koerden en Palestijnen op een eigen land op dezelfde manier afdoet. Zij kunnen immers ook integreren, dan worden zij niet langer gediscrimineerd en is het probleem toch opgelost?

In "Kanttekeningen bij herdenking (deel 2) - De onbekende waarheid over de Tweede Wereldoorlog" schrijft Edel: "Net als in de dertiger jaren is er ook nu weer een joodse elite-organisatie die verondersteld wordt een stimulerende invloed te hebben op het nazistische denken. Deze anti-defamation league of B'nai B'rith zou zelfs in nauw contact staan met de KKK. Het zal dan ook geen verrassing zijn dat B'nai B'rith in feite niets anders is dan een vorm van vrijmetselarij, net als de KKK. Officieel is het een organisatie die zich richt tegen antisemitisme, maar in feite zou B'nai B'rith er aan bijdragen dat dit soort gedachten verspreid worden. Net als tijdens de Tweede Wereldoorlog is er dus nu weer een joodse elite die zich via neo-nazi's lijkt te richten tegen de belangen van de joodse burger. Het spreekt echter vanzelf dat het erg moeilijk is iets in te brengen tegen B'nai B'rith, iedere kritiek wordt immers afgeslagen als antisemitisme."

Hier insinueert Edel dat de door hem veronderstelde joodse elite (die volgens hem niet is vergast, maar in het kuuroord Theresiënstadt heeft verbleven, zie verder), en die gemene zaak maakte met de nazi's tegen het eigen volk (de 'gewone joden'), nu weer aanwezig is om hetzelfde te doen, dit keer samen met neo-nazi's.

In "Kanttekeningen bij herdenking (deel 1)" zegt Edel: "Een conclusie die na het lezen van Arendt's boek getrokken kan worden, is dat de holocaust niet op deze schaal had kunnen plaatsvinden als er niet aan meegewerkt was geweest door joodse instanties zelf! Berucht is in dit verband de rol van de joodse raden, die de nazi's netjes lijsten met namen en adressen van joden gaven, zodat de razzia's met groter gemak konden geschieden."

En: "Terwijl het aan de hand van het nazi-partijprogramma toch al lang bekend was dat men niet veel goeds met het joodse bevolkingsdeel voor had."

Niemand geloofde, zelfs niet tot aankomst in de kampen zelf, wat de nazi's nu eigenlijk werkelijk met joden voorhadden. In bovenstaand stuk doet Edel het wederom voorkomen of de rijke joden het allemaal gedaan hebben. Hij maakt een kunstmatige scheiding in de joodse gemeenschap tussen 'elitaire rijke joden' en 'gewone joden', maar geeft niet aan hoe die groepen zich laten definiëren (hoeveel geld heeft een rijke jood? Hoe arm is een arme jood?). Bovendien doet hij het voorkomen dat de joodse raden instanties waren die door joden waren ingesteld. Dit is niet het geval, joodse raden werden onder druk van de nazi's gecreëerd. Er is een groot verschil tussen joodse instanties, instellingen enzovoorts, en de door de nazi's ingestelde joodse raden.

En: "De holocaust niet op deze schaal had kunnen plaatsvinden als er niet aan meegewerkt was geweest door joodse instanties zelf!"

Joodse instanties hebben niet hieraan meegewerkt. De joodse raden, ingesteld door de nazi's, hebben onder druk van de nazi's, onder bedreiging zelf onmiddellijk gedeporteerd, opgesloten of gemarteld te worden, onder bedreiging van het vermoorden of deporteren van familieleden, hieraan 'meegewerkt'. Door te stellen dat joodse instanties zelf schuldig zijn aan de omvang van de holocaust zegt Edel: de slachtoffers hebben het (gedeeltelijk) zelf gedaan. Als zij niet zouden hebben meegewerkt, dan waren er veel minder mensen vergast.

Verderop in het stuk zegt hij: "Het grootste verschil had natuurlijk betrekking op de scheiding tussen arm en rijk. Een rijke jood liep in eerste instantie toch aanmerkelijk minder kans op een transportlijst terecht te komen dan de grote groep arme joden; zij gingen als eersten, zo lag dat. Daar zorgden de voornamelijk rijkere joden binnen de joodse raden wel voor. Bovendien bestond voor de joodse elite natuurlijk ook de mogelijkheid om te vluchten naar de Verenigde Staten. Rijke joden waren daar van harte welkom."

Uiteindelijk zijn er van al die "rijke" en "rijkere joden" maar een heel klein deel niet vergast en teruggekomen. Volkomen berooid en wat was het eerste dat ze naar hun hoofd kregen als ze eigendommen probeerden terug te krijgen? "Ze hebben weer een grote bek, ze hebben het allemaal aan zichzelf te wijten". Dat moet meneer Edel bekend in de oren klinken, want hij borduurt voort op die mythe.

Edel gaat verder: "Ook de nazi's maakten verschil tussen joden. Hoewel de huidige consensus ons wil doen geloven dat de nazi's op alle joden uit waren, werden er wel degelijk uitzonderingen gemaakt. Dat moest ook wel gezien het aantal hoge nazi's dat zelf op zijn minst half joods was, zoals SD-chef Reinhardt Heydrich, die een joodse vader had."

Onzin, geschiedvervalsing in de zuiverste vorm. Er is geen enkel bewijs voor het gerucht dat Bruno Heydrich, de vader van Reinhardt Heydrich, joods was. Wat meer is, door de nazi's zelf is, na aanhoudende geruchten, het tegendeel hiervan bewezen en na de oorlog is dit gerucht wederom meerdere malen ontkracht. Toch blijft het, net als de afkomst-van-Hitler mythe, ad nauseam rondzingen. En "het aantal hoge nazi's dat zelf op zijn minst half joods was..." Waar haalt Edel deze waanzin vandaan.

In "Kanttekeningen bij herdenking, deel 2" gaat Edel verder op dit stokpaardje: "De "Protocollen van Zion" worden weer door velen gelezen en de antisemitische uitspraken van Wladimir Zjirinowski zijn de hele wereld rond gegaan. Het is opvallend dat deze onheilspellende figuur na veel omhaal te kennen gaf een joodse vader te hebben gehad, precies zoals dat het geval was bij de nazi Heydrich."

Edel wil graag bewijzen dat nazi's eigenlijk joden zijn. Een aantal hoge nazi's tijdens de Tweede Wereldoorlog, Hitler, Heydrich, maar ook een hedendaagse nazi als Zjirinowski.

In "Kanttekeningen bij herdenking (deel 1)" gaat Edel verder: "Bij partijfilosoof Albert Rosenberg zegt zijn naam waarschijnlijk wel genoeg."

Nee, meneer Edel, dat zegt niet genoeg. Uw insinuatie dat Alfred Rosenberg joods was vanwege het hebben van een joodse achternaam is niet meer dan een grove, domme blunder en een vooroordeel. Niet alle mensen met een joodse naam zijn joods, niet alle mensen met een niet-joodse naam zijn arisch. Net zomin als alle mensen die Edel heten van edele afkomst of tenminste van verarmde adel zijn.

Hij gaat verder: "Maar toch was hij degene die de "Protocollen van Sion" vanuit Rusland naar West-Europa bracht".

Hier zijn we weer terug bij Edels andere stokpaardje. Iemand die volgens hem joods was en "een hoge nazi" introduceert in de jaren 30 de "Protocols of the Elders of Zion", een antisemitisch boekje, geschreven rond 1885 door de Okhrana, de Tjaristische Geheime politie, overigens al tussen 1915 en 1920 op grote schaal verspreid in West-Europa. De zogenaamd joods zijnde Alfred Rosenberg is dus eigenlijk een nazi die zelf antisemitisme pleegt tegen zijn eigen volk. Kortom, de slachtoffers hebben het gedaan, zij zijn eigenlijk de daders. Dit is een regelmatig in Edel's stukken terugkerend thema.

Verderop in het stuk zegt Edel: "Tenslotte bestaan er over Adolf Hitler zelf veel (overtuigende) theorieën dat ook hij joods bloed door zijn aderen had stromen''.

Naar Hitler's afkomst is zeer uitgebreid onderzoek gedaan. Er is geconstateerd dat zijn grootmoeder, Maria Schicklgruber, een relatie had met een onbekende man. Dit resulteerde in de geboorte van Hitler's vader, Alois Schicklgruber. Over deze onbekende man zijn allerlei onbewezen beweringen, bijvoorbeeld dat hij joods was. Een flinterdun gegeven dus.

En: "Het beste wat men over deze groep kan zeggen is dat er uit eigenbelang gehandeld werd, maar een ieder die het boek van Hannah Arendt leest, zal met mij tot de conclusie komen dat het er veel schijn van had dat de joodse elite bewust meewerkte aan het vermoorden van haar eigen burgerij."

Weer een voortzetting van de slachtoffers-hebben-het-zelf-gedaan-mythe. Edel is hier echter voorzichtiger dan in andere stukken en gebruikt nadrukkelijk het woordje "lijkt".

Hij gaat verder: "Er wordt vaak op gewezen dat ook de elitaire joden, zoals die in de joodse raden waren vertegenwoordigd, uiteindelijk richting kampen vertrokken. Dat was echter niet naar het vernietigingskamp Auschwitz, maar naar relatief 'lichte' kampen, zoals Theresiënstadt."

Een stuk geschiedvervalsing. Naar Theresiënstadt gingen voornamelijk zogenaamde 'prominenten', vaak familieleden van joden die buiten het Duitse bezettingsgebied een bepaalde maatschappelijke positie (zoals bijvoorbeeld familieleden van Baron de Rothschild) hadden en ook wel hen die een bepaald aanzien hadden in de wetenschap of de kunsten. Zij werden gebruikt als gijzelaars. Ik wil Edel er verder op wijzen dat de zogenaamde elitaire joden, waarmee hij leden van de joodse raden bedoeld, voornamelijk zijn vergast en niet op vakantie gingen naar het hem welbekende en als kuuroord beschouwde Theresiënstadt. De joodse raden bestonden uit notabelen zoals doktoren, professoren, notarissen, Industriëlen, etcetera. De door meneer Edel zo verafschuwde 'elitaire joden' zijn grotendeels vergast, dus daar hebben ze veel aan, die door Edel postuum toegekende elite-medaille.

Verder in dit artikel bakt, ik kan het niet anders zeggen, meneer Edel het nog bruiner: "Naast bankiers uit de Angelsaksische richting waren ook een aantal joodse bankiers betrokken bij de financiële ondersteuning van Nazi Duitsland. Beruchte namen in dit verband zijn Rothschild, Oppenheim, Schiff, Kuhn & Loeb en Warburg (welke familie de Amerikaanse tak van IG Farben bestuurde). Dat joodse bankiers betrokken waren bij de financiering van Hitler is natuurlijk volledig tegenstrijdig met diens eigen beweringen. Hitler beweerde immers dat Duitsland na de Eerste Wereldoorlog ten gronde was gericht door joodse bankiers. Dat zij er in feite aan toe bij hebben gedragen dat hij in het zadel werd geholpen, verzweeg Hitler natuurlijk in alle toonaarden. Uiteindelijk zou Hitler wat betreft de vernietiging van Duitsland zelfs min of meer gelijk krijgen. Achteraf is gebleken dat de ondersteuning van de nazi's door het Angelsaksische establishment en joodse bankiers er nooit op gericht is geweest definitief een duizend jarig rijk te vestigen, zoals Hitler voor ogen stond. De uiteindelijke bedoeling van de opkomst van Hitler en trawanten was de totale vernietiging van Duitsland en dat is uiteindelijk ook gebeurd. Duitsland staat dan ook niet voor niets met 20 miljoen doden boven aan de lijst van getroffen landen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Natuurlijk treft de Duitse bevolking zelf ook blaam. Per slot van rekening had verreweg het grootste gedeelte daarvan zijn stem uitgebracht op Hitler. Het Angelsaksische establishment had echter heel goed door dat de Duitsers eenvoudig zouden doen wat hun opgedragen werd. Dat blijkt wel uit het Eichmann-proces. Door de totale overgave aan Hitler was er voor de Duitsers op dat moment geen gewetensprobleem, dat zou later pas komen en hoe."

Kortom, de slachtoffers hebben niet alleen zelf de holocaust grotendeels op hun geweten, het eigenlijke doel (!) van degenen die de nazi's financierden, volgens Edel het Angelsaksische establishment en joodse bankiers, was de vernietiging van het Duitse volk. Edel geeft Hitler, die altijd beweerde dat 'de internationale jood' Duitsland kapot wilden maken, dus gelijk. Door de Duitsers te willen vernietigen hebben de joden zichzelf vernietigd. Hiermee is de cirkelredenering rond en schaart Edel zich in de gelederen van revisionisten.

Dat joden de nazi's hebben "gefinancierd" is overigens op een andere wijze volkomen waar. Met door de nazi's uit hen getrokken gouden tanden, door de nazi's van hen gestolen kunst, geld, bezittingen....

Hoezeer Edel begaan is met het lot van 'arme joden' blijkt wel uit het volgende stukje: "Over het oorlogsverleden van een grote onderneming als Degussa, die in de oorlog rijk is geworden aan geroofd joods bezit, wil de heer Naftaniël het in ieder geval niet hebben. Toch kan ik me wel iets voorstellen bij een dergelijke overweging. Die 1800 gulden aan theelepeltjes en armbandjes zijn immers véél belangrijker dan de betrokkenheid van het bedrijfsleven bij de holocaust, waarover nog altijd veel onduidelijkheden bestaan."

Het onbegrip, cynisme en gevoelloosheid die Edel hier tentoonspreidt is werkelijk bedroevend. Die theelepeltjes en armbandjes zoals hij het minachtend stelt zijn inderdaad heel belangrijk. Ze zijn vaak het enige tastbare wat is overgebleven van een vermoord familielid. Maar dat zegt Edel natuurlijk niets, die vindt dat 'arme joden' in deze achter het 'grote geld' aan moeten gaan. Vreemd, in Edels wereld zouden zij dan 'rijke joden' worden en daar heeft hij niet zoveel mee op.

In "Evaluatie van een aanklacht", tenslotte, laat Edel alle maskers vallen: "Het argument van religieuze vrijheid maakt ondertussen van alles mogelijk. Zelfs de meest barbaarse rituelen, die voor een onbevooroordeelde waarnemer volstrekt verwerpelijk zijn, worden er zonder meer door geaccepteerd. Neem nu het besnijdenisritueel, zoals dat ook tegenwoordig nog altijd volop door joden en moslims wordt gepraktiseerd. Uit een serie artikelen die enige tijd geleden in NRC Handelsblad verscheen, bleek dat er geen enkel argument bestaat voor het besnijdenisritueel, ook niet in hygiënisch opzicht, zoals vaak wordt beweerd. Er is simpelweg geen enkel argument voor, behalve dan het nastreven van een pijnervaring die het mogelijk..." (tekst op webpagina eindigt hier.)

Religieuze vrijheid voor joden en voor moslims deugt dus ook al niet, dat laat barbaarse praktijken zoals besnijdenis toe. Bovendien is het onnodig, beslist meneer Edel, behalve voor het nastreven van een pijnervaring. Waarmee Edel het islamitische en joodse geloof afdoet als barbarisme en vergelijkt met sadomasochisme. Het door Edel verguisde "besnijdenisritueel" word overigens in de VS jaarlijks op grote schaal toegepast (60 procent van de in de Verenigde Staten geboren mannelijke kinderen werd in 1996 besneden).

Na lezing van Edel's kwalijk riekende proza denk ik aan Erich von Däniken, de schrijver van onder andere "Waren de goden kosmonauten". Iemand die net als Edel pagina's vol schreef met halve feiten of hele onwaarheden, die ook geen moeite had met het publiceren van onbewezen beweringen en die er ook een handje van had alles in een grote mixer te doen en presto! Weer een incoherente theorie. Von Dänikens 'saving grace' was echter dat hij zich in zijn boeken nooit te buiten ging aan beweringen die beledigend waren of aanzetten tot haat jegens bevolkingsgroepen. Edel schrijft in "Kanttekeningen bij herdenking (deel 2)": "Wat dat betreft lijkt antisemitisme volledig los te staan van het politieke systeem dat in een land wordt gehanteerd". Hier kan ik het zelfs met Edel eens zijn, maar ik zou daar in zijn eigen stijl aan toe willen voegen: inderdaad, het "lijkt" zelfs los te staan van persoonlijke ideologie.

En natuurlijk kan Edel het niet nalaten (in zijn door Kleintje Muurkrant op de anti-racisme lijst geplaatste reactie) om te suggereren dat Magenta een organisatie is die er vooral is om "kritiek op het zionisme" te pareren. Dat past geheel in zijn stijl van beweringen-zonder-bewijs. Voor informatie over Magenta verwijs ik de heer Edel naar: <http://www.magenta.nl>. Ik vermoed echter dat hij daar al flink aan het zoeken is geweest naar bewijzen dat Magenta een pro-Israëlische, pro-joodse en anti-Palestijnse organisatie is, die samen met de rest van de joodse elite en bankiers wellicht, of zelfs misschien, verantwoordelijk is voor het samen met de Taliban in het openbaar verbranden van een, door Edels deep-throat bronnen vermoed, pamflet, geschreven door de crypto-zionistische Werner von Braun (er wordt gesproken over bewijzen dat die een joodse vader had), waarin wordt opgeroepen tot niet nader omschreven financiële transacties met het CIDI en de bakker om de hoek (die een erfgenaam lijkt te zijn van de familie Krupp).

Voor alle duidelijkheid: dit was slechts een persiflage op de Edeliaanse stijl, stichting Magenta heeft nooit contact gehad met de bakker op de hoek.

Slotconclusies. Ik meen dat de heer Edel een in alle opzichten klassiek antisemitische houding aanneemt. In een lange serie artikelen probeert hij door middel van geschiedvervalsing, het presenteren van onjuistheden als feiten, en het insinueren van verbanden of gebeurtenissen, aan te tonen dat het joodse volk in grote mate zelf verantwoordelijk is voor, en medeschuldig aan, de holocaust. De mystificatie rond de afkomst van Hitler, Heydrich en andere nazi's, het opvoeren van een joodse elite (rijke joden) die met de nazi's samenzwoeren om het eigen volk uit te moorden, het revisionisme dat hij pleegt door joden ook weer de schuld te geven van antisemitisme in de geschiedenis, en het overal zien van de aanwezigheid en/of betrokkenheid van joden bij 'complotten' zijn hierbij zijn hulpmiddelen, onbewezen beweringen die hij als feiten presenteert en veelvuldig herhaald.

Naschrift

Op 4 juni 1999 (in nummer 333) plaatste Kleintje Muurkrant (overigens zonder toestemming te vragen) bovenstaand stuk. Edel reageert in hetzelfde nummer opnieuw met een herhaling van zijn welbekende beweringen, insinuaties en beledigingen. Zo vraagt hij zich af of ik besneden ben en indien dit niet het geval is dan wenst hij dat dit alsnog gebeurt, maar dan zonder verdoving. " We horen dan binnenkort wel hoe fijn Ronald het vond". Ik ben daar verder maar niet meer op ingegaan, ik discussieer toch liever met beschaafde mensen.

Terug