De Fabel van de illegaal 80/81, winter 2007

Auteur: Roel Nagel


Boekrecensie

Moslimfundamentalisme



Voor anti-fascisten is het belangrijk om zich er rekenschap van te geven dat er naast de zogenaamde Lonsdalers in Nederland nog een groep is die in extreem-rechtse richting radicaliseert, namelijk de jongeren die zich tot het moslimfundamentalisme aangetrokken voelen. Bij die groep horen zowel migrantenjongeren als bekeerlingen. Over hen zijn recent twee boeken verschenen: "Het slapende leger" van Sanne Groot Koerkamp en Marije Veerman, en "Strijdsters van Allah" van Janny Groen en Annieke Kranenberg. Het eerste boek gaat in op de vraag waarom deze jongeren in de greep raken van het fundamentalisme. Het tweede gaat dieper in op de aantrekkingkracht van het islamisme, de politieke islam, op jonge vrouwen. Van beide boeken kunnen anti-fascisten heel wat opsteken.

Beide schrijversteams beginnen hun boek zo rond de tijd van de moord op Theo van Gogh. Ze willen de drijfveren van de radicaliserende jongeren achterhalen. Van grote invloed zijn de aanslagen van 11 september 2001 en de daarop volgende hetzes tegen moslims. De jongeren worden gediscrimineerd, kunnen geen stageplaatsen vinden en ondervinden tegenwerking op de arbeidsmarkt. Ze voelen zich ook betrokken bij moslims in de oorlogslanden Irak en Afghanistan, en zijn woedend om de steun van de Nederlandse regering aan die oorlogen.

Beide boeken gaan uitgebreid in op het begin van de radicalisering van elke jongere. Ze vinden vaak eerst allerlei vertaalde geschriften op islamistische websites. Die sturen ze aan elkaar door en bediscussiŽren ze in discussiegroepen op internet. Ook worden ze in bepaalde moskeeŽn benaderd door ronselaars die speciaal achter jongeren aan zitten die ontvankelijk lijken voor het islamisme en de jihad. In die moskeeŽn houden de imams vaak zeer opruiende preken, hoewel ze tegenwoordig uit angst voor de staatsrepressie naar buiten toe hun toon matigen.

Van radicale moslima's wordt wel beweerd dat ze zich erin laten luizen door zogenaamde islamistische loverboys. Maar Groen en Kranenberg laten zien dat daar weinig van klopt. De vrouwen blijken zeer bewust voor de politieke islam te hebben gekozen. Ze zijn zich er vaak onafhankelijk van mannen in gaan verdiepen. In kringen van geradicaliseerde moslims spelen ze een belangrijke rol, en vaak weten ze er meer van dan de mannen. De moslima's menen dat het fundamentalisme hen bevrijd heeft. Wat vanzelfsprekend enigszins merkwaardig is, omdat de vrouwen zich laten leiden door uitsluitend mannelijke 'islamgeleerden' en van hen moeten leven volgens allerlei geboden en verboden. Daarbij moet het islamisme niets hebben van het feminisme. De vrouwen zeggen zelf echter dat de radicale islam juist vrouwvriendelijk is, daarvan zouden de overleveringen uit de tijd van Mohammed getuigen. Maar in die teksten wordt onder meer beweerd dat vrouwen zich altijd laten leiden door emoties. Dat komt niet erg vrouwvriendelijk over. Gelukkig zijn er andere geluiden te horen in gematigder moslimkringen. Bijvoorbeeld van moslima's die vinden dat alle vrouwen, moslima's en niet-moslima's, samen moeten strijden voor emancipatie. Want die is nog lang niet voltooid.

"Het slapende leger", Sanne Groot Koerkamp en Marije Veerman. Uitgeverij: Rothschild & Bach, Ä 19,95. ISBN: 9049950302.

"Strijdsters van Allah", Janny Groen en Annieke Kranenberg. Uitgeverij: Meulenhoff, Ä 18,50. ISBN: 9029078596.

Terug