Vrede is geen leeg begrip

Op zaterdag 28 maart vindt de demonstratie “Stop de oorlog tegen Iran” plaats, georganiseerd door De Nieuwe Vredesbeweging en anderen. Ook Doorbraak ondertekende de oproep voor deze demonstratie, maar plaatste daar wel fikse kanttekeningen bij. Stop Wapenhandel, lidorganisatie van De Nieuwe Vredesbeweging, deelt die kanttekeningen grotendeels en ziet met name de opvatting dat vrede “niet links of rechts” is, ook breder terugkomen binnen de vredesbeweging, tot aan voorstellen voor samenwerking met extreem-rechts toe. Dit is niet de koers die wij voorstaan.
Als anti-militaristen zijn wij mede-initiatiefnemer van De Nieuwe Vredesbeweging, een sinds 2024 bestaand samenwerkingsverband van groepen en individuen. We steken veel tijd en energie in het organiseren van progressief links anti-militaristisch verzet tegen het monster van militarisering en oorlogsvoorbereiding dat over ons wordt uitgerold. Daarbij lopen we tegen een terugkerend probleem aan: extreem-rechtsen, complotdenkers en fans van Poetin en andere autoritaire leiders die zich actief aan ons opdringen en onze organisatiekracht en goede naam willen gebruiken om zelf groter en sterker te worden. Anderzijds hebben we te maken met veel activisten uit andere sociale bewegingen die de vredesbeweging wantrouwen, juist omdat er soms onvoldoende afstand wordt gehouden van deze opdringerige types.
Nieuwe Vredesbeweging: linkse uitgangspunten
De Nieuwe Vredesbeweging is opgezet als platform van groepen, waarbij zich ook steeds meer individuen hebben aangesloten. Omdat “vrede” een loos begrip is als er geen concrete invulling aan wordt gegeven – Mark Rutte is ook erg voor vrede – hebben we meteen aan het begin gezamenlijke uitgangspunten geformuleerd, vastgelegd in een manifest.
Deze tekst richt zich nadrukkelijk op concrete punten in de huidige discussie over oorlog en vrede, maar schetst ook het bredere kader van waaruit het platform werkt: “In een veilige wereld is minder reden voor conflict en hoeven minder mensen te vluchten. Daarbij moeten mensenrechten, milieu en eerlijke verdeling van welvaart leidend zijn. Het westerse beleid dat gericht is op militaire dominantie en eigenbelang staat hier lijnrecht tegenover. Wij willen een eerlijke toekomst, geen neo-koloniale orde waarin de rijkste landen de rest van de wereld blijven overheersen. We moeten samenwerken om wereldwijde problemen als klimaatverandering, uitbuiting, racisme en het patriarchaat aan te pakken.” Kortom: onze inzet voor vrede wordt breed ingebed in het streven naar een rechtvaardige, vrije wereld voor iedereen.
De Nieuwe Vredesbeweging is niet centraal aangestuurd – het is een beweging. Behalve een paar zeer ervaren groepen met een lange staat van dienst, hebben zich ook nieuwe groepen aangesloten, en individuen die zeer bezorgd zijn over de toestand in de wereld, maar niet meteen beschikken over politieke en organisatorische ervaring, en vaak ook niet over een analysekader om oorlog en vrede te duiden. We stoppen dus heel veel tijd in discussie over waarom we bepaalde dingen vinden, uitleggen hoe processen van militarisering, patriarchaat en uitsluiting werken, en ook: waarom vrede echt niet samengaat met rechtse ideeën, met het ontkennen van het klimaatprobleem, met het uitsluiten van migranten, met doen alsof de groeiende kloof in macht en inkomen niets met vrede te maken heeft. We voeren die gesprekken zo concreet mogelijk, in niet-ideologische termen. We voeren die discussie ook met mensen die qua ideeën best een eind van ons afstaan. Maar we trekken wel grenzen.
Lijnrecht tegenover extreem-rechts
Het spreekt volgens ons voor zich dat de uitgangspunten uit het manifest, en die van iedere serieuze vredesbeweging, lijnrecht staan tegenover het gedachtegoed van extreem-rechts en fans van autoritaire regimes. Een vredesbeweging is niet te verenigen met anti-migratie-geluiden, racisme, antisemitisme, islamofobie of andere zaken die tegenwoordig kernelementen van extreem-rechts zijn, zoals het ontkennen of bagatelliseren van (de menselijke oorsprong van) klimaatverandering, reactionaire opvattingen over gender en seksualiteit (waarbij met name transgender personen het moeten ontgelden) en uitermate repressief veiligheidsdenken. Zowel militarisering als autoritaire regeringen als extreem-rechts leunen sterk op een beroep op geweld, hiërarchie en mannelijkheid. Als je ziet dat rechts de ongelijkheid vergroot, klimaatbeleid tegenhoudt en wapenexport vrijgeeft, kun je niet zeggen: vrede is niet links en niet rechts.
Dat een deel van extreem-rechts zich, meest om nationalistische en/of opportunistische redenen, ook tegen sommige oorlogen verklaart of op andere punten op eenzelfde conclusie uitkomt als de vredesbeweging, doet hier niets aan af. De beweegredenen en het algehele wereldbeeld liggen mijlenver uiteen en laten zich niet verenigen in een samenwerkingsverband. Voor ons het is klip en klaar: met extreem-rechts werk je niet samen, je bestrijdt het. Natuurlijk betekent dit niet dat je als vredesactivist niet in gesprek kan gaan met PVV-stemmende buren. Wel dat je duidelijk afstand houdt van partijen, organisaties en groepen, leidende figuren en opiniemakers uit extreem-rechtse hoek. Elke vorm van associatie met extreem-rechtse initiatieven legitimeert hun bestaan, geeft hen zuurstof en versterkt hun positie, ook als je bijvoorbeeld denkt alleen maar hun blaadje of podcast te kunnen gebruiken om je “eigen verhaal” te vertellen.
Discussie en afspraken
Er zijn nogal wat mensen in de vredesbeweging die moeite hebben met die afgrenzing. Sommigen uit naïviteit, sommigen omdat ze De Nieuwe Vredesbeweging een meer politiek neutrale (“niet links, niet rechts”) richting willen uittrekken. Ze vinden dat we “de dialoog” aan moeten gaan met iedereen, en menen dat vrede betekent: lief en verdraagzaam zijn voor iedereen. Ze vinden dat we op punten wel samenwerking kunnen aangaan, ook met groepen voor wie vrede niet automatisch samenvalt met rechtvaardigheid.
Er is hierover uitvoerige discussie geweest in De Nieuwe Vredesbeweging. Wij vinden het ondenkbaar om op welke manier dan ook met extreem-rechts op te trekken of in gesprek te gaan. We werken niet samen met mensen die andere mensen hun rechten en vrijheid ontzeggen. Er is geen enkel baat bij dialoog met organisaties en opiniemakers die kiezen voor het aanwakkeren van vijandschap, haat en hang naar ‘sterke’ leiders.
Na moeizame gesprekken hierover besloten we tot twee duidelijke afspraken:
- aanvullende criteria voor organisaties en groepen die zich bij De Nieuwe Vredesbeweging willen aansluiten, waaronder het erkennen van door mensen veroorzaakte klimaatverandering, het afwijzen van iedere vorm van discriminatie en van beleid dat de positie van gemarginaliseerde mensen/groepen verslechtert, het geen partij kiezen tussen geopolitieke machtsblokken en het afwijzen van imperialisme, neo-kolonialisme en autocratische bestuursvormen;
- we associëren ons op geen enkele wijze met extreem-rechts: geen gezamenlijke activiteiten, verklaringen of oproepen, geen steun aan initiatieven uit extreem-rechtse hoek, geen optredens in media en debatten die vanuit die hoek worden gepubliceerd of georganiseerd én ook geen informeel overleg. Wat lidorganisaties en betrokken individuen zelf vanuit hun eigen naam op dit vlak doen, is aan hen.
We worden regelmatig aangesproken op deze thematiek, want dat er binnen de vredesbeweging discussie is over hoe om te gaan met extreem-rechts ontgaat ook potentiële bondgenoten niet. Daarom zijn deze duidelijke afspraken, die we ook naar buiten toe kunnen uitdragen, zo belangrijk.
Weerbarstige praktijk
Was het in de praktijk maar zo eenvoudig. De gemaakte afspraken liggen geregeld onder vuur of worden niet nageleefd.
Bepaalde groepen uit extreem-rechtse hoek, of die daar wel tegenaan leunen, trekken zich al vanaf het begin van ons bestaan weinig aan van onze afhoudende reacties jegens hen. Zo werden en worden we herhaaldelijk geconfronteerd met verzoeken van de kant van het extreem-rechtse complotblad “De Andere Krant”, de dwaallichten van “Hart voor Vrijheid” en het pro-Poetin-vehikel “Volkeren voor Vrede”, dat onder meer het fascistische FvD-Kamerlid Gideon van Meijeren, de antisemitische complotdenker David Icke en “AZC-nee”-voorman Tinus Koops als sprekers op het podium hees bij hun protesten. En elke keer moeten we vol aan de bak om er binnen De Nieuwe Vredesbeweging op te wijzen dat we hebben afgesproken zulke verzoeken te negeren of duidelijk af te wijzen.
Lastiger wordt het als organisaties en mensen binnen De Nieuwe Vredesbeweging zelf enthousiast aan komen zetten met extreem-rechtse personen, groepen of individuen, fans van autoritaire regimes of complotdenkers. Als dit het resultaat is van onwetendheid of onnadenkendheid, dan komen we er in een goed gesprek wel uit. De haren rijzen ons echter te berge bij herhaalde pogingen bewust de deur open te zetten voor extreem-rechts. Zo is Marianne Zwagerman, in de media onterecht ook al eens geïntroduceerd als mede-initiatiefnemer van De Nieuwe Vredesbeweging, inmiddels wel vijf keer naar voren geschoven. Er kan geen sprake van zijn dat we ook maar iets te maken willen hebben met een zelfverklaarde “klimaatscepticus” en “islamofobe” persoon die de PVV en nog dodelijker grens- en migratiebeleid toejuicht.
Zo zijn er vaker pogingen om de afspraken met voeten te treden, en worden ze soms gewoonweg niet nageleefd. We moeten voortdurend de vinger aan de pols te houden om mensen aan te spreken op het schenden van afspraken of het doen van onacceptabele uitlatingen. Niet omdat we niet liever onze tijd en inspanningen willen steken in onze kerntaak – anti-militaristisch onderzoek, schrijven en actie – maar omdat dat werk bij voorbaat ernstig ondermijnd wordt als er een beweging ontstaat die extreem-rechtse en autoritaire regimes normaliseert.
Kansen op progressieve samenwerking
Kennis over de oorzaken van oorlog en de voorwaarden voor vrede zijn niet erg bekend (meer) in de samenleving. We vinden het dus logisch dat we steeds opnieuw discussies moeten voeren om tot een gezamenlijke, sterke vredesbeweging te komen. Maar dat moet wel een beweging zijn met inhoud en solidariteit.
Men hoeft Domela Nieuwenhuis en Rosa Luxemburg niet per se uit het hoofd te kennen. Maar men moet wel erkennen dat oorlogen ontstaan uit hebzucht en machtswellust, niet door gebrek aan een goede dialoog. We werken als Stop Wapenhandel al jaren aan vrede door rechtvaardigheid, in een internationale context, samen met migranten, vluchtelingen, groepen uit het globale zuiden en milieu-activisten, en leren van hen voortdurend bij. We maken ons veel zorgen over de steeds opduikende tendens binnen vredesgroepen om de politieke context van de oprukkende militarisering te ontkennen.
Vrede draait niet alleen om het stoppen van oorlog, maar ook om gerechtigheid, en daarmee het tegengaan van structureel geweld, onderdrukking, uitbuiting en discriminatie. Dat vraagt om uitgangspunten zoals vastgelegd in het al genoemde manifest van De Nieuwe Vredesbeweging, maar ook een praktijk die daarmee in overstemming is. Een houding van “niet links of rechts” leidt slechts tot politieke vervlakking en het in de kaart spelen van rechts.
De golf van militarisering en oorlogsvoorbereiding die over ons wordt uitgestort, begint nu eindelijk enige barsten te vertonen. De enorme bezuinigingen op zorg en sociale zekerheid en het invoeren van extra belastingen (“vrijheidsbijdrage”) om de explosie in militaire uitgaven te bekostigen, de stappen die worden gezet richting een dienstplicht en het ruimtelijke beslag dat Defensie op het land legt met nieuwe kazernes, oefenterreinen en laagvlieggebieden, waarbij inspraak ingeperkt wordt en de krijgsmacht allerlei vrijstellingen van wet- en regelgeving krijgt, temperen het maatschappelijk oorlogsenthousiasme en bieden kansen voor een beweging die vrede en rechtvaardigheid verbindt. Maar rechtvaardigheid en vrede zijn geen lege begrippen: ze vragen om duidelijke politieke keuzes.
Mark en Wendela, Stop Wapenhandel

Deze tekst is me uit het hart gegrepen.
Mark, Wendela, heel erg bedankt dat jullie dit stuk hebben geschreven.