Trumps anti-werkersbeleid, unionbusting

Trump heeft het bijvoorbeeld voor werkers moeilijker gemaakt om collectieve arbeidsovereenkomsten af te dwingen, en hij beperkte de vrijheid van werkers om zich bij een vakbond aan te sluiten. Vooral het overheidspersoneel is de klos. Trump beloofde dat zijn presidentschap een gouden tijdperk voor de Amerikaanse werkers zou inluiden. Maar zijn regering heeft de vakbondsbescherming voor tienduizenden leden van het overheidspersoneel uitgehold, wat ook wel door historici en vakbondsactivisten de grootste ‘unionbusting’ in de Amerikaanse geschiedenis wordt genoemd. Daar bovenop verloor door allerlei decreten een half miljoen federale werkers vorige maand alle vakbondsbescherming. Vorig jaar, 12 augustus, tijdens een live gesprek op X met Elon Musk, zei Trump dat stakende werkers ontslagen moeten worden. Hij vulde de rechtbanken met anti-vakbondsrechters die de hele publieke sector tot een systeem “van recht op werk voor minder” hebben gemaakt. Met de bedoeling vakbonden financieel te verzwakken en het aantal niet vakbondsmensen te vergroten. Trump besloot de National Labor Relations Board te bezetten met anti-vakbondsbenoemingen die bij contractgeschillen ‘ondernemers’ steunen en vakbondsverkiezingen vertragen en dwarsbomen. Bovendien werden werkers zo geclassificeerd dat zij de vrijheid verliezen om zich bij een vakbond aan te sluiten, en als het even kan het zwijgen op te leggen. Trump heeft het voor ‘ondernemers’ gemakkelijker gemaakt werkers te ontslaan, of te straffen, die opkomen voor betere lonen en arbeidsomstandigheden, of die gebruikmaken van hun stakingsrecht. In de bedrijven van zijn vrienden Musk en Bezos (Tesla en Amazon) krijgt het management daardoor een steun in de rug om actief vakbonden te bestrijden.

Ab de Wildt in Trumps anti-werkersbeleid, unionbusting (solidariteit.nl)