Minnesota: een politiek geworteld in het cultiveren van saamhorigheid

Nu zovelen van ons de enorme mobilisaties in Minneapolis volgen, die uitmondden in de oproep tot actie tegen ICE vandaag, wilde ik een aantal dingen delen die ik de afgelopen weken heb opgestoken uit gesprekken met kameraden in Minneapolis. Een paar zaken vielen op.
1. De algemene staking kwam voort uit het organiseren voor een algemene staking. Niet uit sociale media berichten over een algemene staking, maar door te organiseren in buurten, macht op te bouwen in vakbonden en organisaties die hun leden en netwerken mobiliseerden.
Dit is cruciaal, omdat er de afgelopen twee jaar veel virale oproepen zijn geweest voor algemene stakingen over tal van belangrijke kwesties, maar die hebben zich zelden vertaald in de organisatorische kracht en logistieke coördinatie die nodig zijn voor een daadwerkelijke algemene staking.
2. Bewegingsgeschiedenis en -infrastructuur: elke kameraad die ik ken is diep geworteld in de bewegingsgeschiedenis en -infrastructuur van die stad – of het nu gaat om netwerken die voortkomen uit de American Indian Movement (AIM), de vakbondsorganisatie tegen Amazon of de George Floyd-opstand.
Dat heeft het volgende betekend: een verankering in de lange geschiedenis van de strijd, wat mensen helpt om fouten niet te herhalen; leren over generaties heen; niet te snel overmoedig of juist afgestompt raken; het versterken van de bestaande bewegingsinfrastructuur en netwerken, vooral op het gebied van zorg, dynamiek en conflictoplossing.
(Naar mijn mening is een belangrijk onderdeel van de bewegingsinfrastructuur ervoor zorgen dat nieuwe leden hun politieke bewustzijn kunnen vergroten, een politiek thuis kunnen vinden om te blijven organiseren, niet opbranden als het moeilijk wordt, en worden opgenomen in de langdurige strijd zonder valse beloftes.)
3. De buurt als centraal punt in het politieke, sociale en maatschappelijke leven. Het is geen toeval dat we juist in Minneapolis een aantal van de sterkste snelle respons-netwerken zien, precies omdat het ethos van goed nabuurschap – ondanks politieke verschillen – nog steeds opgaat.
Wat velen misschien wederzijdse hulp noemen, is in feite gewoon dat mensen omkijken naar hun gemeenschapsleden, hun buren, hun leraren, hun collega’s, hun lokale straatverkoper, enzovoorts.
Daarom is organiseren gericht op verbondenheid van cruciaal belang, niet bijzaak. Het doorbreekt het kapitalistische idee van ons als geatomiseerde, individuele consumenten en dwingt ons om solidair met anderen te handelen. En, misschien nog wel meer dan wat dan ook, is het een politiek die meer geworteld is in het cultiveren van saamhorigheid dan in ideologie.
Harsha Walia
(Dit artikel verscheen eerder als Engelstalig draadje op Bluesky.)
