Voorbereiden op een recessie

Cover van het nummer van Buiten de Orde waar dit artikel eerder in verscheen.

Om te compenseren voor alle onzekerheid die het kapitalisme ons te bieden heeft, is er één ding dat we met zekerheid kunnen zeggen: er zal een recessie komen. Zelfs de dood en belastingen (de klassieke zekerheden van het kapitalisme) zijn niet zo zeker als de conjunctuur van een economie. Ooit, en waarschijnlijk binnen niet al te lange tijd, zullen we in Nederland te maken krijgen met een economische krimp. Ook al is dit allemaal economisch gegoochel, het is gegoochel waar wij allemaal, als individuen en activisten, mee te maken zullen krijgen. Daarom de vraag: moeten wij ons voorbereiden op een komende recessie?

Wat is een recessie?

In de economieles op de middelbare school en in het nieuws wordt een recessie vaak uitgelegd als een krimp van de economie, die gemeten kan worden door een daling van het bruto nationaal product (bnp). Dat klopt in technische zin, net zoals het klopt dat je een auto-ongeluk een schoksgewijze schrootproductie kan noemen. Aan die uitleg ontbreekt een hoop en dat doorhebben is cruciaal om te begrijpen hoe een recessie de actiebeweging zal aantasten.

Om te beginnen bij het voor ons relevante deel: hoewel elke recessie anders is, is het gevolg altijd hetzelfde. Bedrijven verlagen hun investeringen in het uitbreiden van productie of bouwen hun productiecapaciteit (of dienstverleningscapaciteit) af om geld te besparen, met als resultaat dat grote groepen mensen worden ontslagen. Daarnaast gaan er ook veel bedrijven failliet, waardoor al hun arbeiders op straat komen te staan. Dat verdwenen loon, de lagere verkoop van producten en het verdampen van investeringen zijn economisch meetbaar als een verlaging in het bnp.

Een recessie is (meestal) een volledig kunstmatig iets. Het is niet zo dat er opeens minder mensen zijn die eten, die kleding nodig hebben, die naar de dokter moeten. Productiecapaciteit wordt afgebouwd puur en alleen vanwege het gokken en goochelen dat in algemeen spraakgebruik “de economie” wordt genoemd. Een recessie is dus een collectieve fantasie, zij het een fantasie met de slagkracht van het kapitaal.

Het is daarnaast goed om te beseffen dat een recessie, op zichzelf, niet noodzakelijkerwijs slecht is, zeker niet in onze huidige maatschappij. Sterker nog, het doel van de degrowth-beweging is uiteindelijk om een recessie te veroorzaken. Het kapitalisme is verantwoordelijk voor een gigantische overproductie, dus het pure afbouwen van productiecapaciteit kan iets goeds zijn. Het probleem ligt hem in de machtsverhoudingen van de kapitalistische samenleving, waardoor de negatieve gevolgen van de productieafbouw bij de werkende klasse worden neergelegd.

De gevolgen voor de beweging

De gevolgen voor de actiebeweging als geheel zijn groot. De afgelopen jaren is de economie gekenmerkt door een zogenaamd arbeidstekort: er is lage baanloosheid en er zijn in veel sectoren meer vacatures dan mensen die een baan zoeken. Dit is goed voor arbeiders, die hierdoor beter beschermd zijn tegen ontslag. Daarnaast zijn de arbeidsvoorwaarden in veel sectoren verbeterd om banen aantrekkelijker te maken voor baanzoekenden. Dit is niet de utopie voor de werkende klasse die de werkbazen soms presenteren, maar het heeft kleine voordelen.

Tijdens een recessie zijn de rollen omgedraaid. Baanloosheid stijgt en omdat de werkende klasse van de kapitalistische klasse afhankelijk is voor haar inkomen, stijgt tegelijkertijd de macht van die kapitalistische klasse. Mensen worden makkelijker ontslagen en moeten banen accepteren voor een veel lagere vergoeding. Het resultaat is dat mensen minder vrije tijd hebben om zich politiek in te zetten en dat mensen makkelijker ontslagen worden als ze proberen zich politiek op de werkvloer te organiseren. Hoeveel mensen durven nog de straat op als ze weten dat hun hr-manager meekijkt? Bovendien hebben mensen minder inkomen om in de actiebeweging te stoppen.

Dit is ook wat er historisch gebeurt tijdens een recessie. De opkomst van de nazi-partij, na de grote economische depressie van de jaren dertig, werd onder andere veroorzaakt doordat mensen op zoek waren naar radicale oplossingen. Dit is echter slechts deels waar: veel arbeiders stapten vooral naar de communisten (waarover later meer), terwijl de middenklasse juist naar de nazi’s keek. Belangrijker was dat de vakbonden, die in 1920 nog de Kapp-putsch hadden voorkomen, door de hoge baanloosheid niet bij machte waren om in verzet te komen tegen de nazi’s.

Als dit allemaal zo is, en kapitalisten hun macht kunnen vergroten door een recessie, dan zou je verwachten dat kapitalisten staan te springen om een recessie. Historisch gezien is dit soms ook zo geweest. Een recessie is voor kapitalisten ook een stresstest: falende bedrijven komen om en gezonde bedrijven krabbelen na de recessie weer op, waarbij ze hun verkleinde groep arbeiders even hard laten werken als de grotere groep van vóór de recessie. Dit noemt men productiviteitsstijging. Hierover bestaat zelfs een politiek-economisch dogma: overheden dienen in tijden van economische voorspoed hoog te belasten en weinig geld uit te geven, zodat in tijden van recessie de belastingen verlaagd kunnen worden om de recessie te beëindigen.

Maar dat is allemaal verouderde theorie. Kapitalistische bedrijven en hun politieke lobby zijn tegenwoordig veel meer bezig met groei op de korte termijn dan op de lange termijn, vooral als het gaat om aandelenbeurzen. Dit is het beste te zien in de Verenigde Staten, waar de Republikeinse regering er alles aan doet om economische cijfers er zo goed mogelijk uit te laten zien. Een middel hiervoor is de lage rentestand: hoe lager de rente bij een lening, hoe meer bedrijven kunnen lenen en investeren. Hetzelfde geldt voor lage belastingen op bedrijven en aandelenwinsten. Hoe meer er wordt geïnvesteerd, hoe meer het bedrijf, en dus de aandelen, waard zijn, ten minste op papier.

Op papier, maar niet in de realiteit. Lage rentestanden en belastingen zorgen er namelijk óók voor dat bedrijven meer risico nemen bij het investeren. Dit was de oorzaak achter zowel de huizenzeepbel als de internetzeepbel die respectievelijk in 2008 en 2000 barstten. Vandaag de dag hebben we in ieder geval te maken met een kunstmatige intelligentiezeepbel, aangejaagd door bijna gratis geld uit Amerikaanse banken, maar wie weet hoeveel andere bedrijven op een zeepbel varen. Een recessie is de afgelopen jaren dus kunstmatig (alles hieraan is kunstmatig) tegengehouden door politici en ceo’s die te bang zijn om verantwoordelijkheid te nemen voor een dalend bnp en daardoor zal de komende recessie gigantisch zijn in omvang; wellicht wel groter dan die van 2008.

Voorbereiden als beweging

Er zijn drie (grote) redenen waarom de anarchistische beweging zich voor dient te bereiden op een economische recessie. Allereerst het morele argument: er zullen honderdduizenden mensen hun baan en inkomen verliezen, doordat kapitalisten de gevolgen van de door henzelf gecreëerde crisis afwentelen op arbeiders. De huidige extreem-rechtse regering zal de crisis misbruiken om te bezuinigen op sociale zekerheid of om discriminerende politiek te voeren. Hongersnood en dak- en thuisloosheid zullen alleen maar toenemen en we hebben een plicht om mensen daartegen te beschermen.

Daarnaast zijn er tactische en strategische redenen, die voor de lange termijn wellicht nog belangrijker zijn. Op tactisch gebied kunnen we, door hulp te bieden aan mensen die ontslagen worden door een recessie, voorkomen dat huis- en werkbazen hun macht over de werkende klasse nog verder kunnen vergroten. En op strategisch gebied kunnen we mensen laten zien dat een solidaire, niet-hiërarchische, democratische politieke beweging hen meer te bieden heeft dan het kapitalisme dat hun leven probeert te verwoesten. Dit is wat de communisten in Duitsland, met relatief succes, deden in de jaren dertig, tot hun organisaties door reactionaire krachten werden vernietigd.

Hoe kan onze beweging zich op deze komende crisis voorbereiden? Allereerst moeten we ons verder organiseren. Elke organisatie, of het nu gaat om een vakbond, een huurdersvereniging of een andere actiegroep, is veel makkelijker op te zetten vóór een recessie dan tijdens een recessie. Daarnaast moeten we kennis en vaardigheden opdoen en plannen maken. Hoe kraken we genoeg huizen, zodat mensen die hun huur niet kunnen betalen kunnen wonen? Hoe komen we aan genoeg eten om uit te delen? Hoe helpen we mensen die hun (thuis)zorg, kinderopvang en onderwijs niet kunnen betalen?

Zoals gezegd is de recessie niet alleen maar slecht. Het biedt ook een mogelijkheid om te bouwen aan een solidaire actiebeweging die de dominantie van staat en kapitaal kan ondermijnen. Het stelt ons niet alleen in staat om het vertrouwen in kapitalisme te breken, maar ook om aanspraak te maken op de vele productiemiddelen, machines en panden die verlaten zullen worden omdat ze niet winstgevend zijn. Het oude sterft. Kan het nieuwe geboren worden?

Bo Salomons

(Dit artikel verscheen eerder in Buiten de Orde nr. 1, 2026.)