Het opgefokte achterhoedegevecht van de Horinese coenofielen

“Waar lopen die mensen voor?” “Die willen dat beeld weg.” “Oh, dat begrijp ik wel, hoor.” Zomaar een kort gesprekje tussen twee winkelende mensen afgelopen zaterdag in Hoorn toen de maandelijkse demonstratie tegen het koloniale standbeeld van J.P. Coen passeerde. De gemeente en de meerderheid in de raad willen koste wat kost op het centrale plein van de stad eer blijven betonen aan de genocidepleger, maar de sfeer in de stad lijkt langzaam om te slaan, helaas slechts met een slakkengangetje nog.
Tijdens de zesde maandelijkse demonstratie dit jaar alweer viel op hoeveel mensen steun betuigden in het voorbijgaan. Duimpje omhoog, welwillende knik, korte klappende beweging, grote glimlach, het kwam allemaal voorbij. Wel voorzichtig of zelfs stiekem, want de agressie van de coenofielen ligt op de loer. Maar die kleine positieve signalen zien de anti-racisten toch wel van maand tot maand toenemen.

Witte haat
Maar dan alleen onderweg naar dat centrale plein, de Roode Steen, waar Coen trots poseert met zijn kanon. Want daar ter plekke heerst de koloniale haat, de witte woede tegen iedereen die het zelfbeeld van dapperheid en onschuld ter discussie durft te stellen. Daar zag slechts een enkeling kans om een positief gebaartje te maken. Voorzichtigheid blijft geboden, zeker als je in Hoorn woont en je de volgende dag in je eentje oog in oog kan komen te staan met de haat en het racisme.

Hetzelfde tiental 65-plussers als vorige maand had zich weer verzameld bij hun genocidale held, zoals iedere keer aangevuld met een handjevol nog oudere mensen, van de leeftijd van Trump en ongetwijfeld met vergelijkbare overtuigingen. Ze hadden dit keer speciaal een vlag meegebracht met het logo erop van de VOC, de grootste multinationational uit de geschiedenis, die zich specialiseerde in moord en slavernij.

Het benadrukken van hun leeftijd is zeker niet badinerend bedoeld, maar slechts een feitelijke constatering. Alle positieve gebaren onderweg waren afkomstig van individuen en stelletjes van onder de vijftig jaar, terwijl voornamelijk oudere Horinezen tijdens de tocht door de winkelstraat Grote Noord alle haatgebaren en fysieke aanvallen voor hun rekening namen. En die aanvallen zijn geen incidenten. Elke maand weer zijn er meerdere ouderen die zich duwend en soms zelfs slaand een weg door de demonstratie willen banen, verontwaardigd dat de autoriteiten het toestaan dat de orde verstoord wordt door zulke “idioten”.
Nog zomaar wat ‘incidenten’. Vanuit de woning boven schoenenwinkel Van Haren werd een bak water richting de demonstranten gegooid, ongeveer op dezelfde plek waar vorige maand een ei werd gegooid. Eerder probeerde een oudere man iemand de camera uit handen te slaan. En een jongeman meende aan het begin van de demonstratie vol minachting met zijn scooter tegen de demonstranten aan te kunnen rijden.

Duivel uitdrijven
Op het plein gaan de aanwezige witte ouderen helemaal los. Er wordt gescholden en getierd. Het woedende speeksel vliegt rond. Er worden dreigende gebaren gemaakt, soms tot op centimeters voor de anti-racistische actievoerders. Sinds vorige keer hebben de coenofielen de beschikking gekregen over miniatuurbeeldjes, en die houden ze schreeuwend voor zich omhoog alsof ze de dekoloniale duivel willen uitdrijven. Hun held, hun bloedeigen held, hoe durven ze daar tegen te komen demonstreren! Sommigen gingen echt door het lint, trokken gekke bekken en hadden last van decorumverlies, zoals dat in de hulpverlening wel genoemd werd.

Met name de activisten die niet wit zijn, die de actie organiseren en ongeveer de helft van de andere deelnemers, moeten het ontgelden. Die moesten maar verhuizen, het land verlaten, als het hen hier niet beviel, werd geroepen. Vorige maand werd KOZP-organizer Jerry Afriyie nog voor de blackface karikatuur Zwarte Piet uitgemaakt. De witte bejaarden menen werkelijk dat ze superieur zijn, meer rechten hebben en straffeloos racistische shit kunnen roepen.

De demonstranten wisten overigens zo’n miniatuurbeeldje te bemachtigen en dat wordt mogelijk opgenomen in de collectie van de Black Archives. Het staat symbool voor het achterhoedegevecht van de laatste generatie die nog geloofde in de oude koloniale fantasie. Het lukt de haatbejaarden nog steeds om Hoorn te domineren met hun coenofilie, maar daar gaat hoe dan ook een einde aan komen. Al was het maar om demografische redenen.

Zwarte Piet
Bij de landelijke strijd tegen Zwarte Piet was er vanaf het begin voortdurend beweging aan het front. De anti-racisten wisten keer op keer kleine overwinningen te behalen: bekende Nederlanders die zich uitspraken, internationale rapporten die uitkwamen, uitspraken van de ombudsman en mensenrechteninstituten, scholen en gemeenten die beetje bij beetje omgingen, peilingen waaruit bleek dat het aantal blackface-fans afnam, enzovoorts. Allemaal onder druk van de beweging. En zo hielden de anti-racisten de moed erin, en kon de beweging eind vorig jaar toch wel met goede reden een overwinning claimen.

In Hoorn kent de huidige strijd minder dimensies, al was het maar omdat die lokaal is en zich centreert rond dat ene hatelijke beeld. Ja, het Westfries Museum heeft zich uitgesproken, maar verder ligt de zaak muurvast. De gemeente en de politieke partijen hebben zich ingegraven en daar zijn momenteel niet veel kleine verschuivingen te verwachten. Het lijkt nu meer een kwestie te zijn van: ofwel het beeld blijft staan, ofwel het gaat weg. Geen tussenstapjes meer.

En juist daarom is het zo belangrijk om te merken dat de steun vanuit de bevolking wel daadwerkelijk lijkt toe te nemen, maand na maand. En net als bij Zwarte Piet is het niet goed voorstelbaar dat de meerderheid in de stad zich nog aangetrokken of vertegenwoordigd voelt door de fanatieke, racistische aanhangers van de genocidepleger die zichzelf maandelijks op de Roode Steen voor lul zetten.
Eric Krebbers

















