De inval in Rojava en de Ottomaanse aspiraties van Erdoğan

Nadat de Amerikaanse president Donald Trump een paar dagen terug aankondigde dat de VS zich zou terugtrekken uit Noord-Syrië, is het Turkse leger meteen begonnen met een aanval op Rojava. Dat is een gebied waar voornamelijk Koerden wonen en dat onder controle staat van de Syrische Democratische Strijdkrachten (SDF) van de Democratische Uniepartij (PYD).

Vandaag is het precies vier jaar geleden dat de IS een bomaanslag pleegde op een door links en de vakbonden georganiseerde vredesdemonstratie in Ankara. Daar kwamen meer dan honderd mensen bij om het leven. In een korte periode vonden toen achter elkaar aanslagen door de IS plaats op progressieve en religieuze Koerden en op seculiere groepen.

De toenmalige premier Ahmet Davutoğlu (AKP) verklaarde na de reeks aanslagen dat uit opinieonderzoek voor voren kwam dat de steun aan zijn partij er door toenam. Hij voegde meteen een waarschuwing toe aan de Koerden door te verwijzen naar de donkere periode van de jaren negentig, toen een aantal nooit opgehelderde politieke moorden plaatsvond.

Koerden

De reeks aanslagen van vier jaar geleden, en de daaropvolgende repressie tegen de Koerden, maakte een einde aan de groei van de steun aan de linkse pro-Koerdische partij HDP, zowel in het oosten als het westen van Turkije. President Recep Erdoğan, wiens populariteit sterk aan het dalen was, wist zijn positie en zijn macht in de partij en in het land na de aanslagen te versterken. Samen met de Grijze Wolven-leider Devlet Bahçeli vormde hij een nationaal-islamistisch blok. Zo kon hij rekenen op de absolute meerderheid om gekozen te worden tot president, en om dat voor altijd te kunnen blijven.

Keerzijde voor hem was dat hij zo wel de steun van de Koerden verloor. Van de Koerden in het westen, maar met name van de conservatieve Koerden in het oosten van het land, waar de AKP, en de moslimpartijen die eraan vooraf gingen, altijd veel stemmen kregen. Dat veroorzaakte mede de enorme nederlaag die Erdoğans AKP afgelopen maart leed. Zijn verlies in de grote steden zorgde voor onrust in de partij. En ook de economische crisis, die Turkije al een poos in een wurggreep houdt, droeg daaraan bij.

Geldstromen

Erdoğans positie verslechtert inmiddels ook door het verlies van de geldstromen richting AKP-kapitalisten. Corrupte AKP-gemeentebesturen konden tot voor kort goed zorgen voor hun grote bedrijven, stichtingen en investeringsfondsen. Dat was precies de reden dat Erdoğan alles op alles zette om de verkiezingen in Istanboel over te laten doen. Na herverkiezingen bleek de nederlaag van de AKP echter alleen maar groter.

Tot nu wist Erdoğan iedere keer als zijn positie verslechterde chaos in het land te creëren, om vervolgens als een vader des vaderlands veiligheid en stabiliteit te brengen en zijn achterban weer tot een eenheid te kneden. Maar nu zijn de interne en externe crisissen zo groot geworden dat hij de laatste tijd toch de controle dreigde kwijt te raken.

Gouden Tijdperk

Onderdeel van de externe crisissen vormt de Syrië-politiek van Erdoğan. Zijn buitenlandpolitiek is vooral gericht op de droom van het herleven van het oude Ottomaanse Gouden Tijdperk, toen de Ottomanen heersten van de Balkan en Noord-Afrika tot Saoedi-Arabië. De Ottomanen waren de leiders van de islamitische wereld, met de Ottomaanse sultan als kalief aan het hoofd. Met het verlies van territorium aan opkomende nationale staten met hun nationalisme, en het uiteenvallen van het Ottomaanse rijk, is er een eeuw geleden een pijnlijk einde gekomen aan die islamitische macht. Maar zoals extreme nationalisten hechten aan hun grond, aan hun bloed en bodem, zo dromen moslimfundamentalisten, politieke islamisten, van de glorieuze tijd van hun islamitische rijk toen ze nog de baas waren over de Oemmah, de wereldwijde moslimgemeenschap.

Dromend van een neo-Ottomaans rijk, met zichzelf aan het hoofd, dacht Erdoğan zijn kans te kunnen grijpen toen Syrië in een burgeroorlog belandde. Zijn plannen voor een invasie voorzagen in een snelle opmars naar Damascus, waar hij dan binnen korte tijd zijn gebeden had kunnen doen in de grote moskee. Zijn vrienden bij de IS werden steeds sterker, en de macht van de Syrische dictator Bashar al-Assad was tanende. Het leek allemaal erg makkelijk te worden.

Damascus en Kobani

Het liep echter anders dan hij had gehoopt. Al-Assad bleef dankzij steun van Rusland en Iran op de been, en een deel van de Syriërs bleef hem trouw. Erdoğan steunde de IS, maar die konden de Koerden niet overwinnen. Damascus en Kobani bleven overeind, en uiteindelijk ging de IS ten onder nadat de VS de Koerden te hulp schoot. De Koerden, Arabieren en andere bevolkingsgroepen in Noord-Syrië, en de Syriërs in de rest van het land, betaalden een hoge prijs voor de Ottomaanse aspiraties van Erdoğan en zijn vrienden. Syrië werd het strijdtoneel voor uiteenlopende jihadistische groeperingen en een reeks grootmachten. Met de huidige aanval van Turkije in Syrië gaan we weer een nieuwe fase in van deze machtsstrijd.

Erdoğan wil zijn Ottomaanse droom hoe dan ook waar maken. En daarin staat hij niet alleen. De bijdragen van zijn achterban op sociale media, in reactie op de inval in Noord-Syrië, spreken boekdelen. Onder hen heerst euforie. Men zwijmt bij de gedachte aan een groot islamitisch leger, met commandant Erdoğan aan het hoofd, dat de kafir, de ongelovigen, de les gaat lezen. Met de fascisten, de Grijze Wolven, aan zijn zijde kan hij vanuit Noord-Syrië een begin gaan maken met de kolonisering van het Midden-Oosten.

Kolonisering

Kolonisering, jazeker. Erdoğan gaat de veroverde gebieden van Koerden zuiveren. Net zoals in Afrin de oorspronkelijke Koerdische, alevitische en Armeense bevolking vervangen wordt door Erdoğan getrouwe jihadisten. Alle democratische structuren in Rojava zullen door de Ottomaanse legers kapot gemaakt worden. De seculiere marxisten in het gebied zullen hun verdiende loon krijgen, zoals een Turkse commandant vandaag tegen zijn soldaten zei, voor de start van de invasie: ”Ken geen genade met ze”.

En Erdoğans oorlog zal niet beperkt blijven tot Syrië. Vandaag werd bekend dat in Turkije zelf zeventig mensen, die kritische uitspraken deden over de oorlog, zijn opgepakt. Een daarvan is een medewerker van linkse krant BirGün, en er lopen aanhoudingsprocedures tegen de HDP-voorzitter Sezai Temelli en HDP-covoorzitter Pervin Buldan. En de aanhoudingen zullen niet beperkt blijven tot links en de Koerden. De komende dagen zal, zoals zo vaak bij Turkse oorlogshandelingen, elke potentiële oppositie tegen deze oorlog en tegen Erdoğan in de kiem gesmoord worden. De Turkse dictator sleurt zo zijn hele land mee in zijn eigen ondergang, en de hele regio mee naar de afgrond.

Wil je je solidariteit tonen met het verzet in Syrië en Turkije? Kom dan zaterdag 12 oktober mee demonstreren in Den Haag.

Ender Kaya